Vandaag kondigt HvASamen een plan aan voor een grondige vernieuwing van medezeggenschap. ‘Als de opkomstpercentages altijd bungelen onder de 10%, het bestaan van medezeggenschap nauwelijks bekend is en niemand weet waar raadsleden voor staan is het tijd dat je eens achter de oren krabt en een plan bedenkt’, aldus HvASamen-Raadslid Buskoop.

In het ‘Plan Professionalisering Medezeggenschap‘ staat een groot pallet aan voorstellen om te zorgen dat er een democratische cultuur kan ontstaan in medezeggenschap en op termijn in de hele hogeschool. Zo moet er een vergaderzaal komen zoals dat in de Eerste en Tweede Kamer gebruikelijk is, komt er een neutraal instituut dat de verkiezingen voor medezeggenschap volledig op zich neemt en gaat het aantal vergaderingen en uren omhoog.

‘Wij zien medezeggenschap niet slechts als gesprekspartner van het bestuur, maar als een orgaan dat alle HvA-studenten en -medewerkers vertegenwoordigt. We zijn een hogeschool waar dagelijks 50.000 betrokkenen rondlopen, groter dan een gemiddelde Nederlandse gemeente. Dan verdienen de mensen die hier dagelijks rondlopen ook een uitstekend georganiseerde en functionerende medezeggenschap.’

Door de professionalisering krijgt medezeggenschap een veel serieuzere en openere uitstraling. Nu staan er vaak niet eens genoeg tafels en stoelen in vergaderruimtes, wordt er vooral veel geroepen en door elkaar heen gepraat tijdens vergaderingen en worden raadsleden persoonlijk aangevallen. Daar wordt met dit plan gehakt van gemaakt.

Naast de voorstellen om de medezeggenschap intern te professionaliseren, moet er ook richting de studenten en medewerkers nog veel meer gebeuren. Daarover verschijnt later ook nog een plan, met in ieder geval als onderdelen het ontwikkelen en inzetten van een stemwijzer en het organiseren van debatten.

Buskoop: ‘Zonder ingrijpende voorstellen zal geen ingrijpende verbetering plaatsvinden. We moeten nu actie ondernemen om te zorgen dat er nog een levendige toekomst komt voor democratie op de HvA. Zo maken we medezeggenschap voor en van iedereen.’